|
De door de leden van de FNV Bondgenoten en de ABVA/KABO uitgeoefende druk op de leiders van hun organisaties om geen genoegen te nemen met de verhoging van de pensioenleeftijd, heeft het bestaan van een diepe crisis in de FNV aan het licht gebracht.
Wanneer de leden van deze twee bonden – die de meerderheid van de leden van de FNV vormen – hun bestuurders niet aan het verstand hadden gebracht, dat ze niet akkoord gaan met de koers van de vakcentrale: het slikken wat de ondernemers voor de werknemers in petto hadden en hebben, dan zouden de leiders van die beide bonden de politiek van de FNV –top hebben goedgekeurd. Dat hebben ze immers, net als hun collega’s van de andere FNV-bonden, tot nu toe altijd gedaan.
Met de weigering van de FNV- leden om te accepteren, dat de gevolgen van de crisis, die door de ondernemers en de banken is veroorzaakt, op hen wordt verhaald, is tevens een tweetal aantal andere zaken actueel geworden. Ten eerste is dat de democratie binnen de vakcentrale en de aangesloten bonden en ten tweede de relatie van de FNV met de P.v.d.A.
DE RELATIE TUSSEN DE P.v.d.A. EN DE FNV.
De relatie tussen beide in de beginjaren van de arbeidersbeweging opgerichte organisaties is heel nauw geweest, Het Nederlands Verbond van Vakverenigingen NVV ( de voorloper) van de FNV ) werd opgericht door leden van de Sociaal Democratische Arbeiders Partij SDAP de voorloper van de P.v.d.A. Bestuurders van het NVV zaten voor en na de Tweede Wereldoorlog als vertegenwoordigers van de SDAP in de Tweede Kamer.
Die eenheid van optreden in allerlei zaken die voor de arbeiders van belang waren, was een goede zaak. Verwerpelijk was, dat de partij zich – na de Tweede Wereldoorlog toen hij regeringspartij werd - zich ging vereenzelvigen met de kapitalistische maatschappelijke verhoudingen en daarin de leiding van de vakbeweging meesleepte, die zich daar overigens niet tegen verzette. Sociaal-democraten werden zelfs schatbewaarders van de kapitalistische Nederlandse Staat. W.Kok werd vice-voorzitter van het bestuur van de Nederlandse Bank , minister van financiën en premier, W.Duisenberg directeur van DNB.
Situatie op dit moment is: een P.v.d.A die zich niet verzet tegen de afbraak van sociale voorzieningen die in verleden de speerpunt waren van de politiek van de partij. De P.v.d.A. graaft zijn eigen graf door zich bereid te tonen de kapitalistische wanorde te redderen op kosten van de werknemers. Volgens de laatste peilingen op 26.12.11 zou de partij 17 zetels halen in het parlement tegen 30 thans. Opzet van de politiek van de P.v.d.A leiding? Regeringsdeelname. Resultaat ? Vernietiging van de partij. Beloning voor de slopers van de partij? Goed betalende functies in het bedrijfsleven en of het regeringsapparaat. Een goed voorbeeld van een `succesvol’ sociaal-democratische leider is W.Kok. die commissaris is bij Shell, ING, KLM.,TPG.Post, Minister van Staat en Ridder Grootkruis in de Orde van Oranje Nassau.
GEVOLGEN VOOR DE FNV
De leden van de FNV bondgenoten en de ABVA/KABO hebben de wens van de grote meerderheid van alle vakbondsleden tot uitdrukking gebracht: niet opdraaien voor de kapitalistische wanorde. Er is geen sprake van een economische crisis, als we zien welke miljarden winsten de banken en ondernemingen onverminderd ook op dit moment maken.
GEEN DEMOCRATIE IN DE VAKBEWEGING.
Als de FNVBondgenoten en de ABVA/KABO kleine organisaties waren geweest met zo’n 2000 leden, dan waren ze uit de FNV gezet wanneer ze zich niet aan de lijn van Jongerius hadden geconformeerd.
Iets dergelijks is namelijk gebeurd met de Nederlandse Toonkunstenaars Bond in 1963. Niet bereid, een einde te maken aan een zes weken durende staking van de musici bij de televisie en de secretaris van de bond te ontslaan, werd de bond door het NVV geroyeerd. Het werd de leden van de NTB niet toegestaan hun belangen te behartigen op een andere manier als de leiding van de vakcentrale dat meende te moeten doen.
WAT IS DE OORZAAK VAN HET CONFLICT ?
Er zijn twee oorzaken. In de eerste plaats, de binding van de FNV-top met die van de P.v.d.A. Echt doeltreffende verzet van de FNV tegen alle bezuinigingen zou het onmogelijk maken dat de P.v.d.A. regeringspartij werd. Immers de tegenprestatie die de ondernemers van de P.v.d.A. verwachten als ze toestaan dat die regeringspartij wordt, is, dat de partij de leden van de vakbeweging koest weet te houden, geen verzet, geen stakingen, accepteren van alle opgelegde verslechteringen van het levensniveau van de werknemers. In de tweede plaats is er het feit dat de leiding van de vakbeweging niet de belangen van de werknemers behartigt, als zij zich net als de leiding van de P.v.d.A. vereenzelvigt met de brutaalste groep uitbuiters en rovers in de maatschappij: de banken en de ondernemers. Kortom, met de bezittende klasse. Een situatie die niet mag en kan voortbestaan.
WAT NU?
De praktijk is dat de vakbondsleden vooral ook door onmacht als gevolg van de ondemocratische structuur, zich nauwelijks verzetten tegen de politiek van de leiders. Daar schijnt nu een eind aan te zijn gekomen door het verzet binnen de FNV bondgenoten en de ABVA/KABO.
De leiders van de vakcentrale hebben aangekondigd meer naar de leden te zullen gaan luisteren. Een prachtig voornemen waarvan in de praktijk niets van terecht zal komen. Wat dient er te geschieden om de vakbeweging te democratiseren en de leiders te dwingen onverkort de belangen van de leden te behartigen?
WELKE MAATREGELEN.
Er zal campagne gevoerd moeten worden voor de vorming van een front tegenover de ondernemers en banken bestaande uit. de Socialistische Partij, de P.v.d.A., Groen Links en de FNV . Doel vorming van een regering bestaande uit die partijen met vertegenwoordiger van de vakcentrale. Voornaamste program: laat de rijken betalen voor de crises die zij veroorzaken.
Binnen de FNV: alle belangrijke besluiten inzake vakbondspolitiek zowel van de vakcentrale als van de bonden zullen aan alle leden in vergaderingen moeten worden voorgelegd ter goedkeuring.
Kandidaatstelling en verkiezing van bestuurders voor alle functies binnen de vakcentrale en de bonden moeten voor alle leden mogelijk zijn.
Honorering van alle bestuurders tot maximaal het gemiddelde loon van een geschoolde arbeidskracht.
De vakbeweging mag zich niet langer laten gebruiken om de P.v.d.A. tot regeringspartij te maken in coalities met rechtse partijen.
|